Zonnecellen

Zonnecellen zetten stralingsenergie van de Zon om in elektrische energie. In eerste instantie werden ze alleen gebruikt op plaatsen waar geen andere elektriciteitsvoorziening is, zoals bij lichtboeien op zee en bij satellieten die rond de Aarde draaien. Maar tegenwoordig zie je ook op bedrijfsterreinen en in woonwijken steeds meer panelen met zonnecellen op de daken. Zonnecellen leveren een bijdrage aan een duurzame energievoorziening, doordat ze de uitputting van de voorraden fossiele brandstof en de luchtvervuiling door het verstoken van die brandstof tegengaan. Maar zonnecellen zijn (nog) duur. Het is wel mogelijk om minder dure zonnecellen te produceren, maar dat heeft gevolgen voor het rendement en daarmee voor de energie-opbrengst.

Je onderzoekt drie soorten zonnecellen. Deze zonnecellen zijn gemaakt van monokristallijn, polykristallijn en amorf silicium en zijn in deze volgorde steeds goedkoper te produceren. Je meet en vergelijkt het rendement van de drie soorten zonnecellen. Vergelijkbare metingen worden gedaan door medewerkers van het Debye Instituut van de Universiteit Utrecht bij hun onderzoek naar goedkoop en snel te produceren zonnecellen.

Informatie over het onderzoek aan zonnecellen op de Universiteit Utrecht staat in het artikel
De toekomst is aan de Zon.

Voorkennis

Voor het uitvoeren van dit experiment is de volgende voorkennis nodig: stralingsvermogen en stralingsintensiteit (Pstr = IstrA), elektrisch vermogen (Pe = UI), rendement.

Bestanden

Practicumhandleiding
Meetopstelling
Achtergrondinformatie