Deze pagina - van het Freudenthal instituut - geeft een overzicht van de reacties op het KNAW-rapport.
Reactie FI op KNAW-rapport
Op 4 november 2009 heeft de KNAW haar onderzoek naar het rekenonderwijs op de basisschool gepresenteerd (zie http://www.knaw.nl/publicaties/pdf/20091080.pdf). De conclusies van dit onderzoek zijn:
De bezorgdheid over de rekenvaardigheid van basisschoolleerlingen is op zijn plaats.
Er is geen overtuigend verschil aangetoond in het effect van de traditionele en realistische rekendidactiek.
De sleutel tot de verbetering van de rekenvaardigheid ligt in het niveau van de leraar; de opleiding en nascholing zijn in ernstige mate geërodeerd.
Het Freudenthal Instituut heeft met belangstelling kennis genomen van het rapport van de KNAW-commissie en onderschrijft in grote lijnen de conclusies. Lees verder.
Meer FI-reacties op het KNAW-rapport
Reactie van het FI op het KNAW-rapport, opgesteld door Marja van den Heuvel-Panhuizen en
Jan van Maanen in overleg met het PO-team van het FI, uitgesproken tijdens de NVORWO-discussie over het KNAW-advies op 10 november 2009.
In De rekenmethode telt (1) maken Adri Treffers en Marja van den Heuvel-Panhuizen duidelijk
dat onderzoek heeft laten zien dat de methode er wel degelijk toe doet: methodes die zich eenzijdig richten op het cijferen scoren over de hele linie lager dan methodes die kiezen voor een brede rekenaanpak met hoofdrekenen, handig en schattend rekenen en cijferen.
De actuele rekendiscussie
Als we het huidige rekenonderwijs in de discussie betrekken, dan krijgen we drie soorten leerboeken, namelijk de traditionele cijfermethodes, de traditionele rekenmethodes en de realistische rekenmethodes - de twee laatstgenoemde zijn onderscheiden uitwerkingen van het conceptuele rekenen.
Lees verder in De rekenmethode telt (2).