Dyscalculie

Dyscalculie is een verschijnsel dat tegenwoordig veel in de belangstelling staat. De term dyscalculie werd al in 1952 door Van Gelder gebruikt. Hij maakte een onderscheid tussen 'acalculie' en 'dyscalculie'. Acalculie betekent dat een persoon als gevolg van ernstige traumata in de hersenschors niet meer kan rekenen. Van dyscalculie is sprake, zei Van Gelder, als een leerling ernstige beperkingen ondervindt tijdens het leren rekenen.

Tegenwoordig bestaan er veel verschillende opvattingen over dyscalculie. Niet alleen over de betekenis van de term dyscalculie, maar ook over de oorzaak en de mogelijke oplossingen zijn de meningen verdeeld. In de Amerikaanse literatuur is al gewezen op meer dan vijftig vormen van dyscalculie terwijl anderen zelfs niet in één vorm van dyscalculie geloven (Nelissen, 2004a).

 

NVORWO

In Nederland daarentegen wordt al enige tijd naar consensus gestreefd. Om die consensus te bevorderen, is de Nederlandse Vereniging tot Ontwikkeling van het Reken-WiskundeOnderwijs (NVORWO) een discussie gestart waaraan een aantal experts op het gebied van rekenproblemen en reken-wiskundeonderwijs deelnemen. Deze discussie is uitgemond in een publicatie: Dyscalculie in discussie . De vraag die nu nog voor ligt, is die naar richtlijnen, mogelijk een protocol, om vast te stellen wanneer een leerling nu wel of niet gehandicapt wordt door dyscalculie.

 

De thematieken die tijdens de expertmeeting om aandacht vroegen waren onder meer de volgende. Moet dyscalculie (ernstige rekenproblemen) worden gezien als een stoornis en zo ja wat voor stoornis wordt dan bedoeld? (hersenletsel, neurologisch?) Kan dyscalculie ook uit andere omstandigheden voortkomen, zoals emotioneel-motivationele problemen of didactische verwaarlozing? (Nelissen, 2004b). De experts die dyscalculie als een stoornis beschouwen, zijn meestal geneigd de oorzaak van dyscalculie niet in onderwijs en niet in verstoorde leerprocessen te zoeken.

 

Intelligentie

Een volgend punt van discussie is of dyscalculie samenhangt met intelligentie. Het verband tussen dyslexie en intelligentie blijkt uit onderzoek matig te zijn. Het is echter aannemelijk dat het leren het van rekenen-wiskunde sterker verbonden is met cognitie dan het lezen (Nelissen, 2004a). Het is ook aannemelijk dat leerlingen die over een matig potentieel beschikken zwakker zijn in rekenen, net als op andere gebieden. Het is dus niet zo vreemd als zwakkere leerlingen ook zwak zijn op het gebied van rekenen-wiskunde. Het is echter weer wel opvallend als leerlingen met een hoge intelligentie zwak zijn juist in rekenen-wiskunde. Er is hier sprake van een eigenaardige en vooralsnog onverklaarde discrepantie, waaraan mogelijk een dysfunctie van neurologische aard ten grondslag ligt.

 

Zwakke leerlingen, zo werd gesteld, zijn ook zwak op het gebied van rekenen. In de praktijk blijkt echter dat sommige zwakke rekenaars bovendien ernstige automatiseringsproblemen hebben. En alléén in die gevallen, zo menen sommige auteurs, is er sprake van dyscalculie. Dyscalculieproblemen worden dan gezien als automatiseringsproblemen en dus als geheugenproblemen. Op het Freudenthal Instituut zijn we geneigd ook begrips-problemen, en niet alleen problemen met het automatiseren als ernstige rekenproblemen (dyscalculie) te beschouwen.

 

Tot besluit

Wat te doen als een leerling ernstige en, naar het zich laat aanzien, hardnekkige rekenproblemen ondervindt?

Om te beginnen is 'open onderzoek' naar het handelen en mathematiseren van die leerling wenselijk. Met open onderzoek is bedoeld een onbevooroordeeld kijken naar het gedrag van de leerling, niet vanuit een vaststaande theorie over dyscalculie, maar op basis van een vakdidactische theorie waarin noties zijn ontwikkeld over hoe kinderen in principe wel rekenen-wiskunde leren.

In dit onderzoek worden leer- en denkprocessen geanalyseerd en wordt nagegaan wat de leerbaarheid van het kind is. Dat laatste wil zeggen dat wordt onderzocht waartoe een kind met behulp van welke hints met welk materiaal in staat is.

Als op basis van procesanalyse zicht is verkregen op de problemen van een leerling en het niveau, kan vastgesteld worden welke hulp waarschijnlijk het meest adequaat is en hoe die hulp gerealiseerd kan worden (zie bijvoorbeeld de materialen van het project Speciaal Rekenen).

 

Artikelen en publicaties

Dolk, M. & Groenestijn, M. van (2006). Dyscalculie in discussie. Assen: Van Gorcum. 92 pp. ISBN 902324248 3.

 

Nelissen, J.M.C. (2004a). Dyslexie en dyscalculie. Opvattingen en onderzoek. Panamapost. Tijdschrift voor nascholing en onderzoek van het reken-wiskundeonderwijs, 23(2), 9 - 13.

 

Nelissen, J.M.C. (2004). Kinderen die niet leren rekenen. Opvattingen en discussie over dyscalculie en rekenproblemen. Willem Bartjens, 23(3), 5-11.

Dit is een mooi overzichtsartikel van Jo Nelissen over uiteenlopende opvattingen over dyscalculie.

 

Menne, J. (2004). Dyscalculie of dysdidactiek? Lezing op de 10e reken-wiskundeconferentie Speciaal bekwaam van het Seminarium voor Orthopedagogiek.

In dit artikel van de hand van Julie Menne wordt de dyscalculiescreener van onderzoeker Brian Butterworth besproken. Er worden ook suggesties voor de praktijk gegeven en verwijzingen naar literatuur en websites over dyscalculie.

 

Goeij, E.T.J. (2003). Begeleiding aan het woord. Dyscalculie. Panama-Post. Tijdschrift voor Reken-wiskundeonderwijs: onderzoek, ontwikkeling, praktijk, 22(2), 25-28.

In dit artikel wordt de rol van de schoolbegeleidingsdiensten in de problematiek omtrent dyscalculie besproken.

 

Luit, J.E.H. van & Ruijssenaars, A.J.J.M. (2004). Dyscalculie, zin en onzin. Panama-Post. Tijdschrift voor reken-wiskundeonderwijs: onderzoek, ontwikkeling, praktijk, 23(2), 3-8.

De auteurs van dit artikel beschrijven dyscalculie als een stoornis die wordt gekenmerkt door hardnekkige problemen met het leren en het vlot/accuraat oproepen/toepassen van reken-wiskundekennis, die blijvend zijn ook na gedegen onderwijs.

 

Treffers, A. (2001). Dyscalculie. Lezing op landelijk rekennetwerk 2001 (Verslag door Karel Groenewegen).

Adri Treffers maakt duidelijk dat dyscalculie een complex verschijnsel is; het heeft geen zin om over dyscalculie in zijn algemeenheid te spreken.

 

 

Links

 

www.balansdigitaal.nl

Website van de vereniging Balans

 

www.kennisnet.nl

Website van kennisnet over leerlingzorg in het primair onderwijs

 

www.dyscalculiainfo.org

Engelstalige website. What is dyscalculia? door Dr. B. Adler

 

www.tbraams.nl/dyscalculie.htm

Een website van Tom Braams over dyscalculie, een verzamelnaam voor uiteenlopende rekenstoornissen