<?xml version='1.0' encoding='iso-8859-1'?>
<!DOCTYPE section SYSTEM "http://www.fi.uu.nl/dtd/specialcharacters.dtd" >
<onderdeel
	xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink"
	xmlns:xi="http://www.w3.org/2001/XInclude"
xmlns:xinclude="http://www.w3.org/1999/XML/xinclude"
>
<xinclude:include xinclude:parse="xml" xinclude:href="mindmap.txt" />
<xi:include href="mindmap.txt" /><modificationDate>7-11-2006</modificationDate><nr>06038</nr><title>Apothekersassistent</title><subtitle>Hoe gebruik je reken/wiskunde bij je werk?</subtitle><opdracht>Als apotherkersassistent(e ) heb je allerlei taken.
De video geeft je een beeld van het beroep.

Bij het bereiden van medicijnen moet je onder andere:
<ul>
<li>
nauwkeurig meten
</li>
<li>
maten zoals mL, mg, cc, etc kennen en gebruiken
</li>
<li>
rekenen met procenten, concentraties en verhoudingen
</li>
</ul>
<br />
Deze onderwerpen horen ook allemaal bij rekenen/wiskunde. In deze opdracht vind je hierbij uitleg, oefening en hulp.
</opdracht><type>Praktijkopdracht</type><school>Fi</school><moeilijkheidsgraad>Starter</moeilijkheidsgraad><domeinen><domein>Rekenen</domein></domeinen><bronnen><bron url="http://www.roc.nl/default.php?fr=vid&amp;videoid=50" naam="beroepenbeeldbank op www.roc.nl "/></bronnen><creationDate>20060302</creationDate><tijdsduur lengte="20" grootheid="minuten" /><klassen></klassen><webquest><wq nr="1"><titel>Inleiding</titel><abstract>Welke rekenvaardigheden heb je nodig als apothekersassistent</abstract><content>Bekijk in de beroepenbeeldbank op www.roc.nl de video over het beroep apothekersassistent.

<table width="50%">
<tr>
<td>
<a href="http://stream1.surfnet.nl/cgi-bin/users/launch.cgi?k/kennis2/windowsmedia/apothekersassistent_high.wmv" target="_blank">
<img src="http://www.fi.uu.nl/toepassingen/06038/images/welcome.gif" width="60" height="60" alt="video" />
</a>
</td>
<td>
<a href="http://stream1.surfnet.nl/cgi-bin/users/launch.cgi?k/kennis2/windowsmedia/apothekersassistent_high.wmv" target="_blank">
video
</a>
</td>
</tr>
</table>

<br />
<br />

Het bereiden van medicijnen is een taak van de apothekersassistent.
Daarbij moet je nauwkeurig werken en meet- en weegapparatuur gebruiken.
Je moet er ook bij rekenen. 

<br />
<br />

<img src="http://www.fi.uu.nl/toepassingen/06038/images/screenshot_color_nl.jpg" width="400" alt="apothekersassistent" /></content></wq><wq nr="2"><titel>Beroepstaak: medicijnen bereiden</titel><abstract>Welke berekeningen komen hier bij kijken</abstract><content>Je krijgt via de huisarts de volgende recepten.
<br />
<br />
[Vraag je docent om de recepten]
<br />
<br />
Jij moet elk van deze medicijnen bereiden. 
<br />
Beschrijf per recept hoe je te werk gaat, en laat je berekeningen zien.

<h5>Hulp</h5>
Voor rekenkundige ondersteuning kun je kijken bij:
<ul>
<li>
<crossref nr='3'>Gewicht en volume</crossref>
</li>
<li>
<crossref nr='4'>Meten en wegen</crossref>
</li>
<li>
<crossref nr='5'>Verhoudingen en concentraties</crossref>
</li>
</ul>
</content></wq><wq nr="3"><titel>Gewicht en volume</titel><abstract>1 mg, hoeveel is dat?</abstract><content>Bij je werk in de apotheek heb je te maken met allerlei matenof preciezer gezegd: eenheden voor gewicht en volume.
<br/>

<h5>Gewicht</h5>
Gram en milligram zijn eenheden voor gewicht. Er zijn er nog meer.
<br />
<ol>
<li>
Ken jij iets dat 1 mg weegt?
</li>
<li>
Welke andere gewichtsmaten ken je?
</li>
<li>
Wat voor dingen weeg je in kg? Wat in gram? Wat in ton? Wat in mg?....
</li>
<li>
Schrijf de namen van de volgende maten voluit en zet ze in volgorde van klein naar groot: 
<br />
g, kg, dg, cg. mg
</li>
<li>
Je kunt gewichten omrekenen 1 kg = 1000 gram, geef meer van zulke relaties.
</li>
</ol>


<h5>Volume</h5>
Er zijn allerlei eenheden voor volume. In de apotheek gebruik je vaal mL (milliliter). Een andere naam hiervoor is cc (cubic centimeter). Er zijn verschillende eenheden voor volume, je kunt ze omrekenen naar elkaar. Zo geldt bijvoorbeeld:
<br />
1 L = 1000 mL
<br />
<ol>
<li>
Geef nog een aantal  van dit soort relaties tussen volume eenheden.
</li>
</ol>
In het dagelijks spraakgebruik zeg je in plaats van volume vaak 'inhoud'.
<br />
Hier vind je uitleg en enkele voorbeelden bij
<a href="http://www.math4all.nl/Basiswiskunde/Me19U.html" target="_blank"> inhoudsmaten.
</a>
Ze komen van de site math4all.
<br />
<br />
Online oefenen en jezelf toetsen:
<ul>
<li> 
<a href="http://users.belgacom.net/annuntiawisk/mtk2-5d.htm" target="_blank"> omrekenen van inhoudsmaten
</a>
</li>
<li>
<a href="http://users.pandora.be/kabaja/weboefeningen/inhoudsmaten.htm"> maatkennis en andere oefeningen
</a>
</li>
</ul>

<h5>Voorvoegsels</h5>
De woorddelen kilo-, milli-, centi, kom je niet alleen bij eenheden voor gewicht en volume tegen maar ook bij bijvoorbeeld lengtematen. Denk maar aan centi-meter. Deze woorddelen heten <b>voorvoegsels</b> en hebben een vaste betekenis. Welke? Ze worden uitgelegd in deze
<a href="documents/200060414_voorvoegsels.ppt" target="_blank"> powerpointpresentatie
</a>	
	</content></wq><wq nr="4"><titel>Meten en wegen</titel><abstract>Bij het bereiden van medicijnen moet je grondstoffen vaak afmeten of afwegen.</abstract><content>Daarvoor gebruik je allerlei meetapparatuur.
<br />
<br />
Het is belangrijk dat je hier goed mee omgaat en dat je nauwkeurig afleest.
<br />
<br />

<ol>
<li>
opgaven over aflezen van diverse meetapparatuur (echte plaatjes)
</li>
<li>
over aflezen decimale getallen -kaal- 
</li>
<li>
opgaven over afronden en nauwkeurigheid
</li>
<li>
misschien ook iets over de toename van kleine foutjes bij vergroten van de hoeveelheden.
</li>
</ol>

</content></wq><wq nr="5"><titel>Verhoudingen en concentraties</titel><abstract>Bij het bereiden van medicijnen werk je vaak met verhoudingen.</abstract><content>
Je moet voor een kind van 9 jaar een laxeermiddel bereiden op basis van natriumsulfaat (Na2SO4).
Er is een voorraad laxeermiddel. Die oplossing bevat 15% natriumsulfaat.
<br />
Dit betekent: 15 gram per 100 mL oplossing.
<br />
Kinderen krijgen 1 gram natriumsulfaat per levensjaar voorgeschreven.
<br />
<br />
Hoeveel mL moet je een kind van 9 jaar geven van deze oplossing?
<br />
<br />
Dit is een verhoudingsprobleem
<br />
Je kunt het op verschillende manieren aanpakken
<br />
<br />
Bijvoorbeeld met een verhoudingstabel 

<br />
<ul>
<li>
Hier zie je stap voor stap hoe dat gaat in een 
<a href="documents/20060410_verhoudingstabel.ppt" target="_blank"> powerpointpresentatie
</a>	
</li>
<li>
hier zie een overzicht van 
<a href="documents/20060410_rekenmanieren.doc" target="_blank">
rekenmanieren in een verhoudingstabel
</a>
</li>
<li>
dit computerprogramma 
<a href="http://www.fi.uu.nl/toepassingen/00323/toepassing_wisweb.html" target="_blank">
verhoudingstabel
</a> rekent voor je
</li>
</ul>
<br />



</content></wq></webquest></onderdeel>